Onderwijsplanning

Als je als schoolbestuur je capaciteit wil uitbreiden en in extra schoolinfrastructuur wil investeren, kan dat niet altijd ‘zomaar’. Voor sommige types van uitbreiding moet je de interne planningsprocedure van Katholiek Onderwijs Vlaanderen volgen, voor andere dan weer niet. Of je voor de uitbreiding al dan niet capaciteitssubsidies krijgt, doet niets af aan die verplichting.

Geen interne planningsprocedure

sla link op in klembord

Kopieer

Als je als schoolbestuur je capaciteit wil uitbreiden op een bestaande campus van één van je scholen, dan hoef je de interne planningsprocedure niet te volgen.

Wel interne planningsprocedure

sla link op in klembord

Kopieer

Als je als schoolbestuur geen uitbreidingsmogelijkheden meer hebt op één van je bestaande campussen, dan moet je op zoek naar alternatieven. Je kunt dan investeren in extra infrastructuur op nieuwe locaties binnen dezelfde gemeente van één van je scholen óf in andere, aangrenzende gemeenten.

Die nieuwe infrastructuur kan een impact hebben op het onderwijsaanbod en de leerlingenrekrutering van andere schoolbesturen. Voor uitbreidingen op nieuwe locaties moet je als schoolbestuur dan ook de interne planningsprocedure wel volgen.

Voorbeeld: één of meer eerder centraal gelegen scholen overwegen om een eerste graad secundair onderwijs in te planten / te organiseren in een perifeer gelegen gemeente waar ze reeds een belangrijk aantal van hun leerlingen rekruteren. Andere schoolbesturen die niet onmiddellijk met dat initiatief te maken hebben, rekruteringen waarschijnlijk ook in die regio. Het nieuwe initiatief zal dan ook een impact hebben op hun leerlingenrekrutering.

Timing

sla link op in klembord

Kopieer

De interne planningsprocedure werkt met een aantal vastgelegde indiendata. De ervaring leert dat het tijdspad van de (driejaarlijkse) specifieke capaciteitsoverheidssubsidiëring die indiendata wel eens doorkruist en zo de werking van de DPCC uitholt. Omwille van de complexiteit en de afhankelijkheid van andere overheden is het niet mogelijk om de interne planningsprocedure telkens opnieuw af te stemmen met de timing van de capaciteitsoverheidssubsidies.

Vanuit Katholiek Onderwijs Vlaanderen en de DPCC’s vragen wij je dan ook om ons tijdig te informeren over je initiatieven tot capaciteitsuitbreiding. Dat kan via een intentieverklaring of een voorlopige aanvraag. Denk er ook aan dat het initiatief tot capaciteitsuitbreiding uitgaat van het schoolbestuur in het basisonderwijs en van het bestuur van de scholengemeenschap in het secundair onderwijs!

Proces

sla link op in klembord

Kopieer

  1. Kennisgeving: het schoolbestuur of het bestuur van de scholengemeenschap brengt de DPCC zo snel mogelijk (ongeacht de datum) op de hoogte van zijn intentie tot capaciteitsuitbreiding op een nieuwe locatie. Idealiter voegt het bestuur ook meer informatie toe over de plannen die bij het initiatief horen: aankoop van een gebouw, aankoop van een grond, nieuwbouw …
  2. Overleg: de DPCC brengt de schoolbesturen op wie het initiatief een impact kan hebben voor overleg samen. Als bemiddelaar streeft de DPCC naar een zekere consensus. Zonder aanzet van consensus tussen de schoolbesturen bestaat het risico dat de DPCC bezwaar zal maken tegen de ingediende ‘aanvraag’.
  3. Indiening aanvraag: op het ogenblik dat de beslissing over de toekenning van de subsidies of het verwerven van een pand/grond is genomen, dient het schoolbestuur of het bestuur van de scholengemeenschap zijn aanvraag in bij de DPCC.

Door die aangepaste interne planningsprocedure en het voorafgaand overleg willen wij voorkomen dat we als Katholiek Onderwijs Vlaanderen en als DPCC achter de feiten aanhollen. Zo heeft het weinig zin om een aanvraag tot verhuis naar een nieuwbouw in te dienen als die nieuwbouw er al staat en gerealiseerd is met capaciteitssubsidies.

×
Kijkt als...
Niveau
Regio